Home Contact Sitemap Inloggen
Zoeken

Darmklachten

Laboratorium onderzoek van de ontlasting bij darmklachten
Bij een opgezette buik, winderigheid, buikkrampen, buikpijn of brijachtige ontlasting wordt vaak de diagnose spastische of prikkelbare darm gesteld. Klachten kunnen veroorzaakt worden door stress, een verstoorde darmflora na antibioticumgebruik of doorgemaakte voedselvergiftiging. Regelmatig verergeren de symptomen door bepaalde voeding, met name consumptie van koolsoorten, uien en bonen, maar ook zetmeelrijk voedsel. In een aantal gevallen verminderen chronische darmklachten door verandering van het dieet en toediening van gunstige darmbacteriën, probiotica.
Het is waardevol de darmflora te analyseren voordat men een probioticum gebruikt. Zo kan men bepalen of de bacteriën E.coli, Lactobacillen spp. of Bifidobacteriën spp. gedaald zijn en daardoor gericht een probioticum voorschrijven.
Buikklachten kunnen ook samenhangen met een melksuikerintolerantie, glutenallergie (coeliakie), voedselallergieën, zwakte van het immuunsysteem, aandoeningen van de schildklier, overgewicht of bijwerkingen van medicatie.
Een opgeblazen gevoel, buikpijn en diarree kunnen worden veroorzaakt door eencellige parasieten zoals Giardia lamblia, Dientamoeba fragilis, Blastocystis hominis en Cryptosporidium spp. Deze parasieten kunnen ook chronische vermoeidheid, misselijkheid, eczeem, huidklachten, anale jeuk of haaruitval veroorzaken.
Giardia lamblia en een glutenallergie kunnen bloedarmoede veroorzaken. Bij bloedarmoede, vermagering en een groeiachterstand bij kinderen moet men altijd naar deze ziekten zoeken. Diarree en dunne ontlasting, vooral slijm en bloed bij de ontlasting, kan duiden op chronische darmziekten, zoals colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn. Buikklachten kunnen ook veroorzaakt worden door een trage werking van de darm obstipatie, verstopping.

Onderzoek – ontlasting analyse
MGlab&Advies B.V., laboratorium gespecialiseerd in fecesonderzoek, verzorgt darmflora-analyses, kweken op gisten en schimmels en een scala aan Europees gecertificeerde immunologische testen en gentechnieken voor het aantonen van schadelijke organismen en ontstekingsmarkers – ook analyses die niet tot het standaardonderzoek behoren.
Het laboratorium verzorgt testen die verteringsproblemen, dysbiose, een glutenallergie, parasieten, darmkanker, poliepen, colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn aan het licht kunnen brengen.

  • Veel mensen hebben problemen met de spijsvertering. Fecesonderzoek kan verteringsproblemen aantonen, door de zuurtegraad (pH), het gehalte van zetmeel, vezels en vet in de ontlasting te meten. Een hoog vetgehalte kan duiden op problemen met de galwegen of pancreas.
  • Klassieke microbiologische kweken aangevuld met gentechnieken kunnen afwijkingen van de gezonde darmbacteriën aantonen. Candida albicans is een gist die niet alleen vaginale en huidklachten kan oorzaken maar ook in de darm kan voorkomen. 
     
  • Bij een darmontsteking produceren witte bloedlichaampjes ontstekingsfactoren, bijvoorbeeld calprotectine, beta-defensine of lactoferrine. Hoge waarden kunnen duiden op darminfecties zoals colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn. Onzichtbare bloedspoortjes van het maag- of darmslijmvlies worden daarom verborgen of occult bloed genoemd en duiden op ontstekingen, poliepen of darmkanker.
     
  • De ontlasting kan bij een glutenallergie (coeliakie), hoge antilichaamspiegels tegen glutenfracties bevatten.
    TNF-alfa, Tumor Necrose Factor alfa is een ontstekingmarker die verhoogd kan zijn bij een glutenallergie, een belasting met darmparasieten of de ziekte van Crohn.
     
  • Bij een verlaagde weerstand kan immunoglobuline A, sIgA, verlaagd zijn, dit is aan te tonen via onderzoek van de ontlasting.
     
  • Bij patiënten die last hebben van maagpijn en zuurbranden - maagklachten die op een maagzweer kunnen duiden - treft men vaak een verhoogde uitscheiding van de bacterie Helicobacter pylori aan.
    Ontlastingsonderzoek is niet-invasief, niet-belastend en kostenbesparend.
    Aanvraag van het totale feces-analysepakket versnelt het diagnostische proces – vroege diagnose verkort de ziekteduur.

Het boek Darmklachten
Saskia van As, arts-adviseur van MGlab&Advies, verzorgt wetenschappelijke achtergrondinformatie en cursussen in fecesdiagnostiek voor artsen en therapeuten. Zij is auteur van het boek “Darmklachten". Dit boek bespreekt twee eencellige dikkedarmparasieten waarmee veel Nederlanders zijn besmet: Dientamoeba fragilis en Blastocystis hominis.
Het boek “Darmklachten” behandelt tevens het onderwerp overgewicht. Mensen die vet rond het middel vasthouden, zullen vaak te hoge insulinespiegels hebben. Overgewicht en hyperinsulinaemie vergroten de kans op het ontstaan van diabetes, hartziekten, ontstekingsreacties en chronische buikklachten. Zowel bij darmklachten als bij overgewicht is het van belang het voedingspatroon te veranderen.

Overzicht - de geïrriteerde darm
Een opgezette buik, al of niet vergezeld van winderigheid, is een veel voorkomende klacht en duidt lang niet altijd op parasieten. In veel gevallen zal de huisarts de diagnose spastische of prikkelbare darm stellen. Een syndroom, waaraan twintig procent van de vrouwen in Nederland lijdt. Soms wordt de diagnose ten onrechte gesteld, want een overgevoelige krampende darm gecombineerd met diarree of constipatie kan tal van oorzaken hebben.
De buik kan door veel verschillende redenen opspelen. Voor een deel zijn deze klachten op te sporen via laboratorium onderzoek.
Darmklachten:
Afname van immunoglobuline A, komt voor bij 1% van de bevolking
Alcoholmisbruik
Blastocystis hominis
Bijwerking medicijnen
Campylobacter infectie
Candida overgroei
Chronisch gebruik van pijnstillers, NSAID’s
Clostridium difficile
Colitis ulcerosa
Cryptosporidia spp
Daling van de gezonde darmflora
Darmkanker, komt voor bij minder dan 0.1 % van de bevolking
Darmparasieten, komen voor bij 20 – 30% van de bevolking
De ziekte van Crohn, komt voor bij 0,3% van de bevolking
Depressiviteit en gebruik van antidepressiva.
Diabetes II
Dientamoeba fragilis
Een eetstoornis
Gal problemen
Glutenallergie, coeliakie, komt voor bij 1% van de bevolking
Hart- en vaatziekten
Hypergevoeligheid van de darm na antibioticagebruik
Klebsiella infectie
Lage rug klachten
Laxeermiddelen overgebruik
Melksuiker (lactose) intolerantie
Obstipatie
Overconsumptie van zetmeel
Overgewicht
Pancreas aandoeningen
Salmonella infectie
Schadelijke E.coli varianten
Schildklierafwijkingen
Shigella infectie
Stress
Verteringsproblemen
Voedselallergieën of intolerantie voor bepaalde voeding
Ziekte van Crohn
Zwakte van de buikspieren of bekkenbodem problematiek